Zo zaai je inheemse planten

Zo zaai je inheemse planten

Stap voor stap inheemse zaden zaaien

De beste tijd om inheemse planten te zaaien is de nazomer en herfst (september-oktober-november) of het vroege voorjaar (maart-april). Veel soorten inheems zaden hebben een koudeperiode nodig om te ontkiemen, daarom is het najaar ideaal, naast dat in het najaar de bodem nog warmer is en daardoor de zaden sneller zullen kiemen. Ook zijn veel inheemse soorten tweejarig of vaste planten. Ook deze soorten worden graag in de herfst gezaaid.


1. Bereid de grond voor:  Zaden kiemen niet goed wanneer je ze over een bestaand gazon zaait of in een border met veel kruidige begroeiing. Verwijder daarom eerst onkruid en wortelonkruiden om de inheemse planten een goede start te geven.

2. Zaai de zaden:

  • Verspreid de zaden over de oppervlakte.

  • Hark de zaden licht in, slechts 1 a 2 centimeter. Veel inheems zaden zijn lichtkiemers, en hebben daarom licht nodig om te kiemen.

  • Meng met zand:  Meng de zaden eventueel met wat wit zand voor een makkelijkere verspreiding en om te zien waar je gezaaid hebt.
  • Zaai niet als het vriest, langdurig nat is of als er een periode van hete droogte aanbreekt.  

3. Geef water:  Houd de zaden en de bodem vochtig, maar niet nat. Als er weinig regen valt is het slim om af en toe water te geven met een tuinslang. Niet te veel, want dan kunnen de zaden juist van de bodem afspoelen samen met het water.


4. Geduld:  Niet alle zaden kiemen meteen. Sommige zaden zullen voor de winter al kiemen en blad vormen. Dit zijn de soorten die goed tegen de vorst kunnen en vaak zelfs de vorst nodig hebben om het seizoen erop tot bloei te komen. Andere soorten bereiden zich tijdens de winter voor op kieming n wachten op de juiste natuurlijke omstandigheden. Vertrouw op de natuur:  Inheemse planten zijn aangepast aan ons klimaat en onze bodems, dus vertrouw erop dat ze zich zullen ontwikkelen onder de juiste omstandigheden en zullen gaan groeien als het juiste moment daar is!